Tijdens het Wagnerjaar knoopt de Vlaamse Opera weer aan bij de aloude traditie om rond de paastijd Parsifal te spelen. Een stuurloze riddergemeenschap verzameld rond de mysterieuze Graal wacht op een redder. Hun leider Amfortas liet zich verleiden door Kundry, een handlangster van de verstoten Klingsor. Dan duikt Parsifal op, vol onschuld maar met goede bedoelingen. Is hij de ‘reine dwaas’ die Amfortas kan genezen?

In een onaards verhaal, doordrenkt met christelijke symboliek, condenseert Wagner zijn morele levensbeschouwing aan het eind van zijn leven. Hij werkte 25 jaar aan deze mythische opera, die ook zijn laatste zou worden. De haast sacrale muziek voert je letterlijk mee naar een andere wereld. Geen opera die zo vatbaar is voor verschillende interpretaties als dit ruim vijf uur durende epos; Tatjana Gürbaca waagt zich eraan.